Go to main content

"Na 3 jaar van oorlog staan alle seinen op rood"

Noodhulp Revalidatie
Syrië
Interview met Thierry-Mehdi Benlahsen, regionaal coördinator van de noodhulpacties van Handicap International voor de Syrische crisis, die de moeilijk toegankelijke zorg hekelt voor de mensen die in Syrië leven.
Thierry-Mehdi Benlahsen, regionaal coördinator van de noodhulpacties in Syrië

Thierry-Mehdi Benlahsen, regionaal coördinator van de noodhulpacties van Handicap International voor de Syrische crisis, hekelt de moeilijk toegankelijke zorg voor de mensen die in Syrië leven.

Dit voorjaar (i.c. 15 maart 2014) was het 3 jaar geleden dat de Syrische crisis begon. Wat is de algemene situatie na 3 jaar?
"3 jaar later heeft de crisis een zware tol geëist op menselijk vlak. Er zijn talloze doden. De Verenigde Naties houden dit sinds september niet meer bij en hebben hier dus geen zicht op. Het aantal gewonden wordt geschat op meer dan 570 000 mensen . In Syrië zouden 9,3 miljoen  mensen hulp nodig hebben. Sommige organisaties wuiven dit cijfer echter weg, omdat het volgens hen onderschat wordt. De crisis heeft ook een impact op de ontwikkeling van Syrië. Als de oorlog vandaag zou stoppen, zou het land een achterstand hebben van maar liefst 35 jaar.  Verschrikkelijke cijfers, die echter niet alles zeggen. Daarbovenop dient men ook nog rekening te houden met de Syriërs die naar de buurlanden zijn gevlucht. Er zijn er vandaag ongeveer 2,4 miljoen , waarvan ongeveer één miljoen mensen worden opgevangen in Libanon.

De vluchtelingen die zich in deze landen bevinden, en die soms afgezonderd zijn vanaf het begin van het conflict, hebben enorme behoeften. Er wordt echter onvoldoende humanitaire hulp geboden. De humanitaire hulp die in Syrië zelf wordt verleend, wordt ernstig verhinderd door de administratieve barrières en de veiligheidseisen waar de humanitaire organisaties mee geconfronteerd worden, om welke hulp het ook gaat. Wijzelf zijn actief in de buurlanden en in Syrië zelf, maar kunnen zeer moeilijk aan het werk gaan.

De huidige situatie laat er bovendien geen twijfel over bestaan: de dag dat Syrië een oplossing heeft gevonden voor dit conflict, zal het land te maken hebben met gigantische behoeften. Vooral gewonden en mensen die door het jarenlange gebrek aan verzorging getroffen werden door blijvende handicaps, zullen nood hebben aan opvang.

Faliekante mislukking

De laatste tijd was er veel diplomatieke onrust...
Op het internationale toneel zijn er begin 2014 twee ontmoetingen geweest die allesbehalve geruststellend zijn. Na afloop van de tweede Internationale Conferentie van Donateurs van Humanitaire Hulp voor Syrië, die in januari plaatsvond in Koeweit, heeft de internationale gemeenschap een oproep gelanceerd voor 6,5 miljard dollar, de grootste oproep ooit. Men kan zich met rede afvragen of deze behoefte volledig gedekt zal worden.

De ontmoeting van Genève II had tot doel om een einde te stellen aan de Syrische crisis. De bij het conflict betrokken partijen konden echter samen geen politieke uitweg vinden en stelden zich bovendien onverschillig op tegenover de humanitaire kwestie.

We mogen ons dan wel verheugen over het feit dat een deel van de bevolking van Homs geëvacueerd wordt, een echte overwinning is het niet. Op diplomatiek vlak is het zeker geen succes. Tijdens de gesprekken werd aandacht geschonken aan een kwestie die in het verleden reeds het onderwerp uitmaakte van een akkoord van de Syrische regering. Deze gesprekken hebben echter iedere nieuwe onderhandeling van de baan geschoven om de humanitaire toegang te vergemakkelijken en de bevolking in alle conflictgebieden te beschermen.

Vandaag kunnen we niet anders dan deze ontmoeting te beschouwen als een faliekante mislukking voor deze burgers. We zijn meer dan ooit verontwaardigd over het cynisme van de partijen wat betreft de bescherming van de bevolking. We zijn meer dan ooit bezorgd over de terughoudendheid van de staten om van de bescherming van de burgers een prioriteit te maken op politiek vlak.

Welke moeilijkheden ondervinden de organisaties om de kwetsbare mensen in Syrië te bereiken?
De hulpverleners die geregistreerd zijn in Damascus dienen dagelijks te onderhandelen met de Syrische overheid over de toegang tot de bevolking, waardoor hun vermogen om op te treden aanzienlijk verminderd wordt. Heel wat internationale hulp voor Syrië dient dus te worden aangevoerd via de buurlanden (Libanon, Jordanië, etc.). Deze hulp, die via de buurlanden komt en dus de grenzen dient over te steken, wordt geconfronteerd met meer en meer veiligheidseisen. En hoewel de Veiligheidsraad van de VN op 22 februari een positief signaal heeft gegeven door een resolutie aan te nemen die alle partijen ertoe verplicht eender welke humanitaire hulp toe te laten, denken we dat het nog lang zal duren alvorens we het resultaat hiervan gaan zien op het terrein. Het is nochtans de enige manier om de miljoenen Syriërs te helpen die vandaag deze hulp broodnodig hebben. Deze hulp is noodzakelijk bovenop de hulp in Syrië zelf, die zeer beperkt blijft door de aanhoudende gevechten en de moeilijke toegankelijkheid.

Een beetje menselijkheid

Wat is de situatie van de kwetsbare mensen?
Sinds het begin van onze actie om de meest kwetsbaren te steunen, zien we dat de door het conflict getroffen bevolking meer en meer te kampen heeft met fysieke, psychosociale en economische problemen.
Door de instorting van de voornaamste gezondheidsinstellingen in Syrië (ziekenhuizen, klinieken, gezondheidscentra, etc.) worden vooral mensen met een handicap nog kwetsbaarder. Zij hebben het steeds moeilijker om toegang te krijgen tot medische diensten en verzorging. We hebben onlangs een studie  gepubliceerd die aantoont dat 88,49 % van de geïnterviewde gewonden onvoldoende toegang heeft gekregen tot revalidatiezorg, hetzij omdat deze diensten niet meer bestonden, hetzij omdat ze niet in staat waren om zich naar dergelijke zorginstellingen te begeven. Deze situatie brengt ernstige en blijvende gevolgen met zich mee voor de gekwetste mensen, die het risico lopen op een blijvende handicap.

Uit een andere studie  die in samenwerking met onze partner HelpAge International werd uitgevoerd, blijkt dat 5,7 % van de vluchtelingen in Libanon en in Jordanië, ofwel 85 000 mensen, ernstige verwondingen heeft opgelopen. 3 op de 4 verwondingen zullen, door hun ernst en door het gebrek aan medische opvolging, een blijvende handicap tot gevolg hebben.

In Libanon en in Jordanië is gemiddeld 22 % van de vluchtelingen getroffen door een fysieke, intellectuele of zintuigelijke beperking en is meer dan 30 % van de vluchtelingen kwetsbaar omwille van hun situatie (het gaat om gewonden, mensen met een handicap, mensen met chronische ziektes). 17 % van de vluchtelingen heeft moeilijkheden bij het uitvoeren van zijn dagelijkse taken (zich wassen, eten, etc.).

Wat doet Handicap International concreet om zich aan te passen aan de steeds slechter wordende situatie in Syrië?
We stellen onze noodhulp voortdurend bij door regelmatig nieuwe projecten op touw te zetten en door onze acties aan te passen. De teams in Syrië verlenen dagelijks noodhulp aan de slachtoffers van het conflict, om zo de impact van hun verwondingen te beperken. Ze zijn actief in meerdere gezondheidscentra om te voldoen aan de postoperatieve behoeftes van de gewonden. Ze treden eveneens op in kampen en gemeenschappen om gewonden en mensen met een handicap te identificeren en te helpen revalideren. Daarbovenop verdelen we voedselpakketten en hygiënekits. Dankzij deze hulp zijn duizenden mensen iedere maand in staat om een beetje menselijkheid en waardigheid terug te vinden, ondanks de oorlogsgruwel die onze medewerkers meemaken.


Hoe sneller, hoe beter

En in de buurlanden?
We hebben een tandje bijgestoken om de nieuwe vluchtelingen op te vangen die erin slagen Syrië te ontvluchten. Hoe sneller we de mensen kunnen identificeren die zeer specifieke hulp nodig hebben (revalidatiezorg bijvoorbeeld), hoe sneller we hen kunnen opvangen en hen kunnen doorverwijzen naar solidariteitsorganisaties die andere hulp bieden.

Meer algemeen blijven de teams van Handicap International in Libanon en in Jordanië hulp bieden en richten ze zich voornamelijk op het identificeren van de meest kwetsbare mensen, zodat ze toegang hebben tot hulp en zeker niet vergeten worden. We werken ook aan de fysieke revalidatie van gewonden en mensen met een handicap, zodat ze terug mobiel kunnen worden en zodat de risico's op een blijvende handicap beperkt worden.

De aanlevering van basishulpgoederen voor de extreem kwetsbare nieuwkomers en financiële steun aan noodlijdende families blijven eveneens cruciaal. Zonder daarbij de psychosociale steun te vergeten, om zo een volledig antwoord te bieden. We zorgen er ook voor dat deze mensen geïntegreerd worden, zodat ze terug kunnen deelnemen aan het gemeenschapsleven en geen geïsoleerd leven tegemoet gaan."

Meer over dit onderwerp

"Ik beschouw mijn prothese als mijn eigen been"
© Davide Preti/HI
Revalidatie

"Ik beschouw mijn prothese als mijn eigen been"

Een infectie aan haar been na de aardbeving, kostte Maryse (44) bijna 10 jaar geleden haar rechterbeen. Haar handicap heeft haar echter niet kleingekregen.

"Deze oorlog die al vier jaar duurt, heeft de mensen uitgeput."
© Gilles Lordet / HI
Mijnen en andere wapens Revalidatie

"Deze oorlog die al vier jaar duurt, heeft de mensen uitgeput."

Suad Al-Qadri werkt als psychosociale hulpverlener voor HI in Sana’a, de hoofdstad van Jemen. Ze vertelt over de mentale toestand van de patiënten die door HI geholpen worden en de gevolgen van bombardementen op de psychologische gezondheid van de bevolking.

Handicap International biedt noodhulp aan Venezolanen
© HI
Noodhulp

Handicap International biedt noodhulp aan Venezolanen

Colombia vangt meer dan een miljoen Venezolaanse vluchelingen op. Handicap International verleent noodhulp aan de bevolking.