Go to main content

Libische kinderen leren omgaan met landmijnen

Mijnen en andere wapens
 “Als je op de grond een voorwerp vindt dat je helemaal niet kent, mag je het zeker niet aanraken. Je moet de zone aanduiden en iemand van Handicap International verwittigen.” Libische kinderen leren wat ze moeten doen als ze een landmijn of een clusterbom vinden; twee internationaal verboden wapens die kolonel Kadhafi vorige maand toch inzette.
Flyers waarschuwen voor landmijnen.

 “Als je op de grond een voorwerp vindt dat je helemaal niet kent, mag je het zeker niet aanraken. Je moet de zone aanduiden en iemand van Handicap International verwittigen.” Libische kinderen leren wat ze moeten doen als ze een landmijn of een clusterbom vinden; twee internationaal verboden wapens die kolonel Kadhafi vorige maand toch inzette.

Sindsdien woont de bevolking in een gebied dat is bezaaid met oorlogstuig dat elk moment kan ontploffen. Daarom stuurde Handicap International begin april drie specialisten ter plekke. Zij hebben daar ‘raadgevers’ aangeworven en opgeleid; ‘scouts’ die mensen op een toegankelijke manier uitleggen wat de risico’s van mijnen zijn. Er is speciale aandacht voor jongeren en kinderen, want zij zijn extra kwetsbaar. Vijf teams, die bestaan uit vier tot zeven vrijwilligers, werken in kampen voor ontheemden in Benghazi, een van de belangrijkste steden in het oosten van het land. Naargelang de noden houden ze er sensibilisatieacties.

Sinds mei hebben we in Libië 20.000 flyers en 4.000 affiches verspreid. Onze teams geven presentaties en vrijwilligers hebben zelfs een liedje gemaakt en spelletjes uitgevonden om kinderen te sensibiliseren.

Op 30 maart bevestigde Human Rights Watch* dat de Libische regeringstroepen antipersoonsmijnen gebruikten. Twee dagen ervoor waren 24 antitankmijnen en een dertigtal antipersoonsmijnen gevonden in de buurt van Ajdabiya, een agglomeratie met 100.000 inwoners. In Benghazi vonden burgers antitankmijnen in de buurt van de universiteit en ontdekten de VN twaalf entrepots waar vele duizenden mijnen liggen opgeslagen.

Op 15 april werd ook duidelijk dat de regeringstroepen clustermunitie hadden ingezet in Misrata. De zone moet dringend geruimd worden: bij een aanval met clustermunitie ontploft tot dertig procent van de munitie niet. Er kunnen dus nog steeds doden of gewonden vallen.

Op 27 april heeft de Nationale Overgangsraad laten weten dat ze zich engageren om geen landmijnen meer te gebruiken en om de voorraad te vernietigen. De Raad wil ook meewerken aan ontmijning en sensibilisering en wil de slachtoffers bijstaan. Handicap International heeft de Nationale Overgangsraad gefeliciteerd met deze verklaring en hoopt dat Libië snel het Verdrag van Ottowa (verbod op landmijnen) en het Verdrag van Oslo (verbod op clustermunitie) zal tekenen.

* Human Rights Watch is net als Handicap Internationaal lid van de Coalitie tegen Clustermunitie (CMC).

Meer over dit onderwerp

Nieuw geweld in Gaza: explosieve wapens veroorzaken zware verwondingen Mijnen en andere wapens Revalidatie

Nieuw geweld in Gaza: explosieve wapens veroorzaken zware verwondingen

Meer dan dertig personen werden het voorbije weekend gedood bij raketaanvallen en bombardementen tussen Gaza en Israël. Deze escalatie van het geweld kan een nieuwe golf van gewonden veroorzaken in Gaza, waar de ziekenhuizen en revalidatiecentra nu al kreunen onder het werk. 

"Stop het moorden. Stop deze misdadige oorlogsmachine!" Mijnen en andere wapens Noodhulp

"Stop het moorden. Stop deze misdadige oorlogsmachine!"

Handicap International veroordeelt de bombardementen op het belegerde Oost-Ghouta. De gewelddadige escalatie van de bombardementen in Oost-Ghouta in Syrië heeft de voorbije 72 uur geleid tot meer dan 200 dodelijke slachtoffers. De infrastructuur – vooral ziekenhuizen en schuilplaatsen – werd zwaar beschadigd. 
Syrische burgers moeten hun verblijfplaats herhaaldelijk en voor lange tijd verlaten Mijnen en andere wapens

Syrische burgers moeten hun verblijfplaats herhaaldelijk en voor lange tijd verlaten

Handicap International publiceert haar nieuwe rapport Everywhere the bombing followed us. Het rapport Everywhere the bombing followed us is gebaseerd op getuigenissen van 205 Syrische vluchtelingen in Libanon en toont aan dat de burgers herhaaldelijk gedwongen worden hun verblijfplaats te verlaten door de bombardementen.